Verdieping

Zeoliet speelt voor enzym

13 september, 2013
Wnt-website
Amerikaanse chemici denken te weten hoe de nieuwste vorm van selectieve katalytische reductie precies functioneert. Het heeft meer weg van enzymkatalyse dan je van een puur anorganische zeoliet zou verwachten, schrijven ze in Angewandte Chemie.

Amerikaanse chemici denken te weten hoe de nieuwste vorm van selectieve katalytische reductie precies functioneert. Het heeft meer weg van enzymkatalyse dan je van een puur anorganische zeoliet zou verwachten, schrijven ze in Angewandte Chemie.

Die selectieve katalytische reductie (SCR) is een van origine Delftse uitvinding die vooral in Europa sterk in opmars is, vooral bij vrachtwagens. Het komt er op neer dat je de stikstofoxiden (met name NO) in de uitlaatgassen laat reageren met ammoniak, die je ter plekke genereert uit een ureumoplossing. De stikstof komt dan als N2 uit de uitlaat. De ureum moet je in een apart tankje meenemen; veel tankstations verkopen het tegenwoordig onder de merknaam AdBlue.

Er zijn verschillende katalysatormaterialen die dit voor elkaar krijgen. Vaak zijn het zeolieten, dus poreuze aluminosilicaatkristallen. Het meest recente en tot nun toe best presterende materiaal, Cu-SSZ-13, is een zeoliet waaraan een beetje koper is toegevoegd. Tot nu toe snapte echter niemand waarom Cu-SSZ-13 het zo goed doet.

Janos Szanyi en collega’s van Pacific Northwest National Laboratory komen nu met een antwoord. Het heeft er alles van weg dat Cu interactie vertoont met zowel de N als de O van een NO-molecuul. Ze vormen met z’n drieën een soort ring, waarbij de anders kaarsrechte binding tussen N en O enigszins wordt kromgetrokken. Computersimulaties doen vermoeden dat dit alleen lukt doordat NO maar net in de nanoporiën past – in andere zeolieten is tweemaal zo veel ruimte.

Vervolgens pikt het koper een elektron van NO in, en dát schept weer de mogelijkheid om met ammoniak te reageren.

Szanyi kent maar één andere katalysator die NO eveneens van opzij pakt: het nitrietreductase-enzym waarover sommige bacteriesoorten beschikken.

Het verklaart volgens hem waarom je bij Cu-SSZ-13 geen last hebt van N2O (lachgas) als bijproduct, en waarom de aanwezigheid van NO2 de reactie niet bevordert, wat bij andere zeolieten wel het geval is. In die andere zeolieten wordt NO namelijk maar aan één eind (meestal de N) vastgepakt terwijl het andere eind recht de porie in steekt.

Eerdere publicaties die aannamen dat het bij Cu-SSZ-13 ook zo werkt, moeten dus voortaan met een korrel zout worden genomen.

bron: PNNL

 

 
Arjen Dijkgraaf
Arjen Dijkgraaf 13 september 2013

Nog geen opmerkingen

Meer Verdieping
Zout geeft het startschot
06 okt 2026 — Renée Canrinus-Moezelaar
Ideale habitat voor industriële premières
06 okt 2026 — Jacqueline van Gool
'We gaan dit gewoon doen'
06 okt 2026 — Esther Thole
Tegen de klok
15 sep 2026 — Ruben Boot
C2Weekly nieuwsbrief
weekly

Mis geen enkel bericht met onze nieuwsbrief C2Weekly

Elke woensdag in je inbox: het laatste chemie- en life sciences nieuws uit Nederland en Vlaanderen, aangevuld met analyses, achtergronden en meer!

Inloggen

Nog niet geregistreerd?

Registreer je gratis en ontvang de nieuwsbrief, creëer je eigen profiel en reageer op onze artikelen.

Not registered yet?

Register for free and receive our newsletter.

Inloggen voor leden van de KNCV, KVCV, NBV en NVBMB

  • Log in het met het e-mailadres waarmee je bij je vereniging bekend bent. Weet je niet welk e-mailadres dat is? Kijk dan op welk adres je de digitale nieuwsbrief van je vereniging ontvangt.
  • Als je nog niet eerder ingelogd hebt moet je een nieuw wachtwoord aanmaken. Klik hiervoor op ‘wachtwoord resetten’.